Home

Vriend M wil lunchen. Eigenlijk heb ik geen tijd, maar ach. ‘Dat is goed, liefst dan wel vroeg en ff snel.’ We gaan naar Bij Loes in Delfshaven, daar moet ‘ie toch wat afleveren. Nou is dat echt zo’n stukje Rotterdam dat helemaal geweldig is, maar waar je eigenlijk nooit heengaat. Grachtjes en ander geneuzel, daar gaan we wel voor naar 020. Pittoresk is het wel, dat geven we toe. De zon schijnt ook nog ‘s.

Bij Loes wordt gerund door Astrid Adelmeijer (57). Huh? Wie is Loes dan? Loes is de kat van Astrid. Een kat die overigens niet in de zaak mag vanwege hygiëne. Nou heb ik van horen zeggen dat die kat, een ragdoll, helemaal geweldig is, dus ik verwacht binnenkort pamfletjes met ‘Free Loes’ erop.

ZE MAG ER ZELF OOK WEZEN

Astrid zelf mag er ook wezen, zij is een prachtige verschijning met veel lach en van alles te vertellen. ‘Een positief karma’, vindt vriend M. Het verhaal achter Bij Loes is leuk. ‘Ik ben eigenlijk meubelmaker’, vertelt ze terwijl ze de espressomachine bedient alsof het haar schaafbank is. Eh…? ‘Mijn man en ik hadden een architectenbureau, waarbij we alles in huis ook zelf maakten. Maar die markt stortte natuurlijk volledig in. Omscholen, daar ben ik te oud voor, dus toen besloot ik te gaan doen wat ik leuk vond en we hadden deze ruimte toch al.’
In hun oude kantoor kun je nu lunchen, maar ook vergaderen en dat soort dingen. De ruimte is een rare mix tussen huiskamer en keuken en heeft zelfs nog steeds een heel klein kantorig randje. Gezellig, dat wel. De bedoeling is dat iedereen er lekker binnenloopt om wat te eten, te drinken of om te werken. Allemaal mooi en aardig, maar een architect die gaat koken? Dat zal wat zijn, zeg. Eh, toch wel. ‘Ik ben ooit opgeleid als kok, toen werkte ik in restaurants zoals De Pettelaar in Den Bosch, dat toen nog een Michelinster had. Ik had eigenlijk al 35 jaar niet gekookt, dat deed m’n man altijd.’

KLASSIEKERS MET EEN SPANNEND RANDJE

Omdat de koffie — die van Giraffe — al helemaal lekker is, worden we toch wel nieuwsgierig. We komen tenslotte om te lunchen. We zitten buiten in het zonnetje te wachten op ons broodje Livar met een pesto waarin spekjes zitten en een vitello tonnato met boontjes en sesamzaadjes. Aan tafels die Astrid zelf gemaakt blijkt te hebben.
‘Ja, we hadden wat materiaal over, vandaar. De borden heb ik ook zelf gemaakt.’
Ons eten komt op tafel. We nemen een hap. BAM. Deze dame is het niet verleerd zeg, wat een wolf in schaapskleren op dit stukje gracht. Hoewel het op het eerste gezicht klassiekers lijken, zit er bij ieder gerecht iets bijzonders. Boordevol mooie smaken en goeie combinaties. ‘Het brood is van Hopper,’ meldt Astrid nog even terloops. ‘Dat is ook zo goed voor tosti’s.’ Die willen we ook proeven natuurlijk. We delen er een met geitenkaas en vijgenjam en een variant met gegrilde paprika. Weer raak.

Alles wordt door Astrid zelf gemaakt. Van de kalfsrosbief voor de vitello tot de appeltaart. En we zien haar een smoothie maken waar zo ongeveer een boomgaard aan fruit in gaat. ‘Vinden jullie de porties te klein? Eerlijk zeggen hoor!’ Ja, veels te klein, want erg lekker. Maar voor € 6,95 en allemaal huisgemaakt spul is het precies goed. Zeker omdat je dan nog ruimte hebt voor die fijne zelfgemaakte appeltaart. Ook die is weer spot on.
Is er een nadeel te bespeuren? Och, Astrid doet alles in haar uppie. Dus heel veel haast is niet handig.

Zeg, lazen we aan het begin niet dat jij eigenlijk geen tijd had? Inderdaad. Maar toen ik uiteindelijk naar huis toe fietste, was ik een partij zen zeg. Dat werk, dat komt later wel.

Dit artikel verscheen eerder op De Buik van Rotterdam.

Advertenties